Een staafdiagram zet categorieën naast elkaar als staven, zodat je in één oogopslag ziet waar de verschillen zitten. Het is een van de eenvoudigste grafieken die er is, en juist daarom een van de nuttigste in een verbeterproject: voordat je met zware statistiek begint, laat een staafdiagram vaak al zien waar je moet zoeken.
Wat is een staafdiagram?
Een staafdiagram (bar chart) toont een waarde per categorie: het aantal klachten per afdeling, de omzet per regio, het aantal fouten per soort. Elke categorie krijgt een eigen staaf, en de lengte van de staaf is de waarde. De staven staan los van elkaar, met ruimte ertussen, omdat de categorieën los van elkaar staan.
Een staafdiagram werkt dus met categorieën of met discrete (telbare) data. Vaak verzamel je die door te turven of te tellen. Je kunt de staven verticaal of horizontaal zetten; horizontaal is handig als de namen van de categorieën lang zijn.
Varianten zijn het gegroepeerde staafdiagram, met per categorie meerdere staven naast elkaar, en het gestapelde staafdiagram, waarin elke staaf is opgedeeld in delen. Het voorbeeld bovenaan dit artikel is een gestapeld staafdiagram.
Waar komt het vandaan?
De Schotse ingenieur en econoom William Playfair (1759-1824) gebruikte als een van de eersten staafdiagrammen, in zijn Commercial and Political Atlas uit 1786. Daarin stond een staafdiagram van de Schotse handel met andere landen. Playfair bedacht ook de lijngrafiek, en later het cirkeldiagram. Het idee dat een beeld meer zegt dan een tabel vol getallen, is dus al ruim twee eeuwen oud.
Staafdiagram of histogram?
Een staafdiagram en een histogram lijken op elkaar, maar ze zijn voor ander soort data, zoals je hieronder ziet. Het verschil hangt samen met het onderscheid tussen continue en discrete data.

- Staafdiagram: voor categorieën, zoals werkdagen, afdelingen of soorten fouten. De staven staan los van elkaar, en de volgorde mag je zelf kiezen.
- Histogram: voor continue data die in klassen is ingedeeld, zoals doorlooptijd in dagen of gewicht in grammen. De staven sluiten op elkaar aan, omdat de klassen op elkaar aansluiten, en de volgorde ligt vast.
Sorteer je de staven van een staafdiagram van hoog naar laag, en zet je er een lijn met het cumulatieve percentage bij, dan heb je een Paretodiagram. Lees daarover meer bij Pareto-analyse.
Het staafdiagram in een verbeterproject: een voorbeeld
In Lean Six Sigma-projecten komt het staafdiagram vooral van pas in de Analyse-fase van DMAIC, als je zoekt naar de grondoorzaak van een probleem.
Een fictief bedrijf vraagt klanten na elk contact of ze de dienstverlening goed, redelijk of onvoldoende vonden. Maand na maand geven meer klanten een onvoldoende. Black Belt Ben gaat aan de slag. Hij maakt een visgraatdiagram en bekijkt het proces, maar voordat hij met statistiek begint, zet hij de data in een staafdiagram: de oordelen per werkdag, over een heel jaar, 3.600 reacties in totaal.
Twee dingen vallen meteen op, zoals je in de afbeelding bovenaan dit artikel ziet. Het aantal reacties is elke werkdag ongeveer gelijk. Maar op maandag komen er ruim twee keer zoveel onvoldoendes binnen als op andere dagen.
Is dat verschil echt, of toeval? Dat toets je met een chi-kwadraattoets, de gebruikelijke toets voor tellingen per categorie. Bij deze aantallen is het verschil duidelijk geen toeval. Maar een staafdiagram zegt nog niet waarom. Ben weet dat er op maandag minder mensen werken, maar hij wil geen aannames doen en gaat kijken op de werkvloer. Daar blijkt het inderdaad: door de lagere bezetting op maandag wachten klanten langer, en dat levert onvoldoendes op.
Het staafdiagram loste het probleem niet op, maar wees wel de weg naar de oorzaak.
Tips voor een goed staafdiagram
- Laat de as bij nul beginnen. De lengte van de staaf is de waarde; een as die bij 80 begint, maakt kleine verschillen groot.
- Kies een logische volgorde. Een natuurlijke volgorde (werkdagen, maanden) of van hoog naar laag.
- Gebruik kleur met mate. Eén kleur, en een opvallende kleur alleen voor wat je wilt laten zien.
- Geen 3D. Een driedimensionale staaf is lastiger af te lezen en voegt niets toe.
In de Green Belt– en Black Belt-opleiding leer je staafdiagrammen en andere grafieken maken en gebruiken om oorzaken te vinden.
